Over stippen op bomen, grote machines en het bos van de toekomst

Jaarlijks gebruikt de gemiddelde Nederlander 1m3 hout. Als je eens goed om je heen kijkt merk je dat je hout overal tegenkomt. Als je het wegdenkt zou praktisch elk gebouw instorten, zou je nooit meer een boek kunnen openslaan en kampvuurtjes kun je al helemaal vergeten. Hout is simpelweg een fantastisch product. Het is hernieuwbaar, duurzaam, veelzijdig, ruikt lekker en is ook nog eens mooi. Maar hoe komen we aan al dat hout, zonder dat we de natuur ernstige schade toebrengen? Onze boswachter Floris vertelt je alles over stippen op bomen, grote machines en het bos van de toekomst.

Bij het horen van de term ‘bosbouw’ gaan bij veel mensen de nekharen overeind staan. Ze zien beelden van ontbossing in tropische regenwouden en bomen die, inclusief orang-oetans, tegen de vlakte denderen. Ondanks dat deze praktijken in Nederland niet voorkomen, staat men ook hier doorgaans sceptisch tegenover menselijk ingrijpen van het bos. Volkomen begrijpelijk. Ik neem je graag mee in alle stappen die we nemen voordat een boom wordt aangeraakt.

Voorlopen

Om de zoveel tijd, meestal eens in de vijf jaar, gaan we een gedeelte van het bos bekijken. Met een groep collega’s trekken we het bos in om twee dingen te doen: kijken en discussiëren. Het is belangrijk om dit te doen met boswachters die elk een specialisatie hebben. Zo zijn er boswachters met een uitgebreide ecologische kennis, maar ook die weten hoe recreanten het bos graag beleven. Tijdens deze ronde stoppen we op allerlei plekken om knelpunten te bespreken.

We zien bijvoorbeeld vaak bosvakken waar een niet-inheemse boomsoort alle andere soorten dreigt te overwoekeren. Vaak gaat het om de Amerikaanse eik, die voor veel Nederlandse bossen een bedreiging vormt. Het probleem is dat deze bomen snel groeien en zure bladeren laten vallen. Zaden van andere bomen komen hierdoor nauwelijks tot ontkieming. De grote bladeren van de Amerikaanse eik zorgen er ook voor dat licht de bodem nauwelijks bereikt, waardoor ontkieming van andere zaden moeilijker wordt.

Wanneer je zo’n soort niet onder controle houdt, zal je uiteindelijk een monotoon bos overhouden. Waarom dat erg is? Omdat plant- en diersoorten sterk van elkaar afhankelijk zijn. Niet alleen de boomsoort verdwijnt, maar ook de tientallen andere soorten die afhankelijk zijn. De invloed van Amerikaanse eiken op biodiversiteit is onderzocht; op een Amerikaanse eik zitten gemiddeld 20 insecten, op en inheemse eik gemiddeld 250!

Als de knelpunten duidelijk zijn komt er een instructie voor het markeren van de bomen. We weten welke aanpassingen wenselijk zijn en welke delen van het bos we ongemoeid laten. Verder houden we rekening met de aanwezigheid van kwetsbare plant- en diersoorten.

Blessen

Goed, de theorie is er. We hebben een beeld van waar we naartoe willen met het bos. Nu de praktijk: we gaan bomen markeren. Of in vaktermen: we gaan blessen!

Blessen kan je maar op één manier leren: door het te doen. Met wat voorbeelden kijken we naar blessen voor houtproductie, voor ecologische waarde en blessen om het bos aantrekkelijk te houden.

Houtproductie

Het is belangrijk om niet in het wilde weg bomen te markeren. Beter is om al vroeg te selecteren op bomen van hoogwaardige kwaliteit. Dat zorgt ervoor dat je bij jonge bomen er alles aan doet om de mooiste, dikste en meest rechte exemplaren ruimte te geven. Zo groeien zij uit tot prachtige woudreuzen. Dit proces noemen we dunnen. We doen dit omdat niet alle bomen overal passen. Het hout voor in de kachel of voor het maken van papier hoeft niet van een kaarsrechte boom te komen. Wanneer we hout willen om vloeren of tafels van te maken is dit wél van belang. Van een rechte boom met weinig zijtakken kan je namelijk prachtige planken maken!

Wanneer een bos een respectabele leeftijd bereikt heeft gaan we blessen voor verjonging. Zo krijg je optimale omstandigheden voor de volgende generatie bomen. Deze plaatsen kun je herkennen omdat er slechts een paar grote bomen staan met weinig ondergroei. De bomen die blijven staan heten moederbomen. Dit zijn prachtige exemplaren met een erg grote kroon, waarmee ze op een grote oppervlakte hun zaden laten vallen. Omdat er weinig ondergroei aanwezig is kunnen de zaden vrijwel meteen kiemen. Zo staan dit soort plekken binnen een paar jaar weer vol met bomen!

Ecologische waarde

Het bos is meer dan een grote groep bomen bij elkaar. Het is een compleet systeem met bomen, planten, dieren en vele andere organismen. Het bos is daarom een stuk dynamischer dan je denkt! In Nederland hebben we niet veel natuur, dus moeten we er zuinig op zijn. Door bepaalde ingrepen kunnen we biodiversiteit verbeteren en leefgebieden vergroten.

Een voorbeeld: twee heidegebieden liggen op vijfhonderd van elkaar. Het is dan goed om een tussenliggende strook bos te verwijderen, om hier heide te laten groeien. Libellen, vlinders en reptielen kunnen via zo’n verbinding tussen de gebieden bewegen. Zo wordt hun leefgebied vergroot en vindt er uitwisseling tussen populaties plaats.

Wat we ook geregeld doen is het ‘ringen van bomen’. Ringen is het maken van een inkeping aan de onderkant van een boom, waardoor de sapstroom wordt afgesneden en de boom afsterft. Dode bomen zijn namelijk bijzonder waardevol! In zo’n boom gaan insecten leven die vervolgens weer als voedsel dienen voor andere dieren. Dode bomen zijn ook uitstekend voor spechten en boommarters die een verblijfplaats zoeken. Dood hout leeft!

Een aantrekkelijk bos

Het bos moet aantrekkelijk blijven voor duizenden mensen die er dagelijks van genieten. De mooiste bossen hebben veel afwisseling; van een donker paadje omringt door jonge bomen, tot een open stuk bos waar de zon prachtig door de bladeren van woudreuzen breekt! Bomen die door hun formaat of bizarre manier van groeien uniek zijn, noemen we belevingsbomen. Dit soort exemplaren willen we graag in het bos hebben en houden. Zo kunnen volgende generaties zich er ook over verwonderen. Waarom? Gewoon omdat ze mooi zijn!

Ecologische check

We zijn al een eind op weg: we weten waar we naartoe willen met het bos en de stippen zijn gezet. Maar was dit alles? Absoluut niet! Het belangrijkste moet nog komen: de ecologische check.

In het hele proces houden we rekening met de ecologische waarde van het bos. Als er een nest in een boom zit laten we hem staan. Ook bij andere waardevolle plekken, zoals de verblijfplaats van een vos, komen we niet in de buurt. Toch kan het altijd zo zijn dat je iets over het hoofd ziet. Fouten zijn menselijk, maar als het op ecologie aankomt wil je ze absoluut voorkomen.

Daarom gaan we nog een keer het hele bos door! Tijdens deze ronde zoeken we bijvoorbeeld naar holtes in gemarkeerde bomen. Wanneer bomen holtes hebben verwijderen we de markering. De locatie zetten we op de kaart en het gebied rondom de boom wordt afgezet met lint. Een boom met holtes wil je met rust laten: misschien is het wel de verblijfplaats van een bosuil of boommarter.

Ook bomen met nesten stel je veilig. Vergeet niet dat je ook naar beneden moet kijken. Je wil ook dat mierenhopen en verblijfplaatsen van vossen gespaard blijven. Wanneer je het hele bos gehad hebt weet je dat je verantwoord aan de slag kunt.

De oogst

‘Mooi! Laat die kettingzagen maar ronken!’ Wacht even. Weten de bezoekers van het bos wel wat we gaan doen? Het is belangrijk tekst en uitleg te geven over het werk wat we doen, voordat we beginnen. We plaatsen infopanelen, versturen persberichten en we staan de media te woord. Is iedereen op de hoogte? Hebben mensen antwoorden gekregen op hun vragen?? Dan is het tijd om te beginnen.

We gaan met de aannemer praten om uit te leggen wat de bedoeling is. Waar moet hij zijn, wat is belangrijk om rekening mee te houden? Welke paden mogen bijvoorbeeld wel en niet gebruikt worden? Loopt er een mountainbikeroute door het bos? Zijn de markeringen van de ecologische check duidelijk? Als alles akkoord is wordt de oogst gestart. Niet met een bijl, maar met een indrukwekkende machine.

Bomen kappen in Nederland met nieuwe technieken

Een houtoogst wordt vaak uitgevoerd door een grote machine die ‘harvester’ of ‘processor’ genoemd wordt. Werken met zo’n apparaat heeft meerdere voordelen. Ten eerste is het minder verstorend omdat een harvester sneller werkt. Ook heeft de machine technische snufjes die het werk makkelijker maken. De machine is gebouwd om overal te kunnen rijden en kan op de moeilijkste plaatsen goed zagen.

Dat zagen gaat een harvester makkelijk af: hij klemt een boom vast, zaagt hem af, tilt hem op en legt hem kundig horizontaal. Daarna wordt de boom door de zaag getrokken en in handige stukken gezaagd. Hierbij wordt hij ook direct van de zijtakken ontdaan. De machine meet de boom ook op, zodat precies duidelijk is hoeveel hout er uit komt.

De stapels hout die zo ontstaan krijgen coördinaten die naar de ‘uitrijder’ worden verstuurd. Deze uitrijder haalt het hout uit het bos en stapelt het gesorteerd langs de weg. Door de meetapparatuur op de harvester wordt het hout namelijk direct gekwalificeerd; dikke en rechte stammen zijn bijvoorbeeld uitermate geschikt voor plankhout.

Klaar!

Het hout ligt langs de weg. Je kent ze wel, van die grote stapels. Wanneer een fabriek of zagerij hout nodig heeft, sturen zij een vrachtwagen om het op te komen halen. Het hout is doorgaans al verkocht voor het gezaagd is. De boswachters bespreken de houtoogst na. ‘Heeft de aannemer netjes gewerkt, zijn er beschadigde paden die we op moeten knappen?’ Als alles goed is spreken we van een geslaagde houtoogst. En het hout? De reis van het hout is pas net begonnen.

Bekijk alle avonturen van boswachter Floris op zijn Instagram @boswachterfloris.  

In het artikel over de Boswachterspaden die je naar de mooiste plekken in Nederland leiden, lees je meer over wat boswachters allemaal zien tijdens hun werk. Interesse in meer informatie over boswachter Floris? Kijk eens op zijn eerdere verhalen. Of ga terug naar het blog.